Palais des Expositions (CHAPEX) in Charleroi wint EUmies Award 2026
Het ontwerp van architectuurbureau AgwA en AJDVIV (architecten jan de vylder inge vinck), gerealiseerd in samenwerking met de stad en de Charleroi Bouwmeester, wordt door de jury geprezen als een voorbeeld van hoe architectuur vandaag kan opereren: precies, terughoudend en maatschappelijk relevant. Het project sluit daarmee aan bij de ambities van de EUmies Award, die steeds nadrukkelijker inzet op duurzaamheid, hergebruik en sociale impact als beoordelingscriteria.
Herlezen in plaats van herbouwen
Het oorspronkelijke tentoonstellingscomplex uit 1953, ontworpen door Joseph André, was een toonbeeld van modernistische ambitie, maar verloor doorheen de tijd zijn relatie met de stad. Waar sloop en vervangende nieuwbouw lange tijd de evidente optie leken, werd hier gekozen voor een andere benadering: het gebouw werd beschouwd als een ruimtelijk en materieel reservoir. Die houding vertrekt vanuit een nauwgezette analyse van de bestaande structuur. Elk element werd opnieuw geëvalueerd op zijn potentieel, wat leidde tot een strategie van selectief behoud, gerichte ingrepen en bewuste verwijdering. Het resultaat is geen klassieke renovatie, maar een herinterpretatie die het gebouw opnieuw leesbaar en bruikbaar maakt.
De centrale hal, ooit een gesloten en introverte ruimte, werd ontdaan van haar overbodige lagen en getransformeerd tot een sequentie van overdekte terrassen. Daarmee verschuift het gebouw van een object naar een ruimtelijk systeem dat zich openstelt voor de stad.
Tentoonstellingshal
Terugkeer van het landschap
Een cruciale ingreep in het project is de zogenaamde ‘demineralisatie’: het verwijderen van verharding om plaats te maken voor water, lucht en vegetatie. Waar vroeger een volledig verharde vloer lag, strekt zich vandaag een doorlopend landschap uit dat binnen en buiten met elkaar verbindt.
Deze strategie herdefinieert het gebouw als een ecologische en klimatologische ruimte. Regenwater infiltreert, licht dringt diep door in het volume en vegetatie krijgt een structurele plaats in de architectuur. Het gebouw functioneert daardoor niet langer als een afgesloten geheel, maar als een open systeem dat samenwerkt met natuurlijke processen. De aanwezigheid van industriële relicten, zoals schoorstenen en dragende structuren, versterkt bovendien de gelaagdheid van de plek. Het verleden blijft zichtbaar en wordt actief ingezet in de nieuwe ruimtelijke ervaring.
Ingang aan de kant van de stad
Circulatie als ruggengraat
Opvallend is dat niet het programma, maar de circulatie de basis vormt van het ontwerp. Door strategische ingrepen in niveaus, sneden en verbindingen ontstaat een continu parcours dat gebruikers doorheen het gebouw leidt. Deze benadering maakt het mogelijk om het programma flexibel te organiseren. Tentoonstellingen, evenementen en publieke activiteiten kunnen zich aanpassen aan de ruimte, in plaats van omgekeerd. Het gebouw wordt daarmee een open infrastructuur die verschillende vormen van gebruik kan accommoderen zonder rigide indeling. Tegelijk versterkt deze focus op doorwaadbaarheid de relatie met de stad. Het Palais des Expositions wordt geen afgesloten bestemming, maar een plek waar men doorheen beweegt — een schakel in het stedelijk netwerk.
Renovatie als strategie
De realisatie van het project is onlosmakelijk verbonden met de werking van de Charleroi Bouwmeester, die sinds 2013 inzet op een langetermijnvisie voor de stad. Binnen die visie wordt renovatie niet beschouwd als een tweede keuze, maar als een strategisch instrument voor stadsontwikkeling. Het Palais des Expositions vormt een exemplarisch project binnen die aanpak. Het toont hoe een bestaande structuur kan worden ingezet om een nieuw stedelijk verhaal te ondersteunen, zonder terug te vallen op grootschalige sloop of iconische gebaren. De herhaalde oproep van de bouwmeester om systematisch te vertrekken vanuit renovatie en hergebruik krijgt hier een concrete en overtuigende vertaling.
Binnenplaats met industriële schoorstenen
Schaarste als ontwerpkracht
Een belangrijk aspect van het project is de omgang met middelen. Het relatief beperkte budget dwong de ontwerpers tot scherpe keuzes, maar werd tegelijk een motor voor creativiteit. Door maximaal gebruik te maken van bestaande structuren en materialen, en door ingrepen te beperken tot wat strikt noodzakelijk is, ontstaat een architectuur die economische en ecologische logica verenigt. Materialen worden hergebruikt, technische installaties worden gereduceerd en nieuwe toevoegingen blijven minimaal en reversibel.
De jury van de EUmies Award benadrukt dit als een essentiële kwaliteit: ‘het project toont dat architecturale waarde niet afhankelijk is van omvang of complexiteit, maar kan voortkomen uit precisie en terughoudendheid’.
Van 'gebouw' naar stedelijk ecosysteem
Het vernieuwde Palais des Expositions functioneert vandaag niet langer als een klassiek beursgebouw, maar als een hybride systeem waarin verschillende functies samenkomen: culturele evenementen, publieke ruimte, informele ontmoetingen en stedelijke circulatie. De centrale tuin speelt hierin een sleutelrol als klimatologische buffer en sociale ruimte. Het gebouw wordt zo een stedelijk ecosysteem waarin architectuur, landschap en gebruik in elkaar overvloeien. Deze openheid maakt het project ook toekomstbestendig. Het programma ligt niet vast, maar kan evolueren in functie van nieuwe noden en inzichten. Architectuur wordt hier begrepen als een proces in de tijd, eerder dan als een afgewerkt object.
Bovenste ingang
Europese betekenis en voorbeeldfunctie
Met de toekenning van de EUmies Award positioneert de jury het project expliciet als een prototype voor een nieuwe architectuurpraktijk in Europa. In een context van klimaatverandering, grondstoffenschaarste en stedelijke transformatie wordt het hergebruik van bestaande gebouwen steeds urgenter. Het Palais des Expositions toont dat deze uitdaging niet leidt tot beperkingen, maar net tot nieuwe mogelijkheden. Door aandachtig te kijken naar wat er al is, en door ingrepen te beperken tot het noodzakelijke, ontstaat een architectuur die tegelijk robuust, flexibel en betekenisvol is.
Secties
Plan + 1
Manifest voor de renovatiepraktijk
De bekroning van het Palais des Expositions in Charleroi met de EUmies Award 2026 bevestigt dat de toekomst van architectuur niet ligt in het voortdurend produceren van nieuwe gebouwen, maar in het transformeren van het bestaande. Voor de renovatiesector is dit project meer dan een inspirerend voorbeeld. Het is een manifest dat pleit voor een andere manier van denken en werken: minder gericht op toevoeging, meer op reductie; minder op object, meer op gebruik; minder op spektakel, meer op duurzaamheid.